Jeugdwerk - cross-sectorale samenwerking

Het is de taal die mij verbindt met mijn afkomst, ze is een deel van mijn identiteit.

Fincistudente

Artikel 30 van het VN-Kinderrechtenverdrag laat er geen enkele twijfel over bestaan: een kind heeft het recht om zijn of haar moedertaal te spreken en dit recht kan niet ontzegd worden. Toch hebben heel veel Koerdische kinderen vandaag dit recht niet.

Het Koerdisch Instituut uit Brussel zet zich als zelforganisatie al tientallen jaren in voor de rechten van Minderheden in het Midden-Oosten, Eurazië en de Kaukasus.
Voor dit project verlegt het Instituut haar eigen grenzen: het sloeg de handen in elkaar met het departement Koerdische studies van de universiteit van Krakau en met Pro-Humanitate, een jeugdorganisatie uit Keulen.

‘I know my rights’ is de naam van de twee jaar durende samenwerking die de partners uit verschillende sectoren bijeenbrengt. In die periode zetten ze samen verschillende activiteiten op waarmee ze een bewustmakingsproces over het belang van de moedertaal op gang willen trekken. Centraal staat onderwijs in de moedertaal en hoe kinderen in Koerdistan daar op dit moment niet van kunnen genieten.

In het voorjaar trokken studenten uit België, Polen en Duitsland samen naar Turkije voor een studiebezoek. Ze konden er zelf ervaren in welke mate de Koerdische taal in Turks Koerdistan getolereerd wordt in scholen, instellingen en het dagelijkse leven.

Het was een zeer educatieve reis waar ik met zeer veel overgave aan heb deelgenomen.

Na dit bezoek begint het echte werk. In de loop van het project zullen twee Koerdische jeugdwerkers in de Belgische en Duitse jeugdorganisatie stage komen lopen om hun professionele vaardigheden aan te scherpen. De partners starten binnenkort met het schrijven van het boek ‘I know my rights’ dat ze in 2016 willen uitbrengen. Met het boek willen ze kinderen zelf bewust maken van hun rechten inzake moedertaal.

Meer praktijkverhalen